dinsdag 28 februari 2012

Liefdesverdriet zit tussen de oren, maar waar?

Kenniscafé Liefdesverdriet, 23 februari 2012

Een debat over liefdesverdriet met een wetenschappelijke inslag. Zit liefdesverdriet slechts tussen de oren, of zijn er ook lichamelijk aspecten, zoals het bekende “gebroken hart”? Hierover gaan twee wetenschappers,  neurobioloog Gert ter Horst (UMCG), psychiater Peter de Jonge (UMCG), en een relatietherapeute, Jannie van den Ende, in discussie met Alex van den Berg tijdens dit Kenniscafe. De volle zaal in ForumImages bevat voornamelijk (jonge) vrouwen. Hebben mannen geen liefdesverdriet of gaan ze er gewoon anders mee om?

Eerst het begrip “liefdesverdriet” - wat is dat nou eigenlijk? De gasten hebben daar allen zo hun eigen kijk op. Neurobioloog Gert ter Horst noemt het “een verzameling van veel negatieve gevoelens”. Op dit moment is hij bezig met een groot onderzoek om uit te zoeken welke hersengebieden betrokken zijn bij gevoelens van liefdesverdriet. Op zijn oproep voor proefpersonen kwamen voornamelijk veel jonge vrouwen af, vergelijkbaar met het publiek bij dit kenniscafé. Door de oproep te veranderden van “gezocht, mensen met liefdesverdriet” in “gezocht, mensen met een verbroken relatie” bleken er ineens wél mannen zich aangesproken te voelen. Ter Horst kijkt in een MRI-scanner hoe de hersenactiviteit van de proefpersonen verandert bij het zien van plaatjes van dingen, mensen, en foto’s van hun ex-geliefde. Hierbij vergelijkt hij mensen met veel of weinig verdriet na een gebroken relatie, wat ze zelf hebben aangegeven met een vragenlijst. De resultaten van zijn onderzoek zijn helaas nog niet bekend, maar Ter Horst kan al wel zeggen dat veel proefpersonen nog duidelijk verliefd zijn op de gevreesde ex.

Geen gebroken hart of depressie
Psychiater Peter de Jonge wil het feit dat liefdesverdriet ook wel  “het gebroken-hart-syndroom” heet, de wereld uit helpen. Hij stoort zich aan (semi)-wetenschappelijk bewijs dat wel het hart wordt aangetast bij liefdesverdriet (zoals hier). Persoonlijk had De Jonge ooit hevige buikpijn tijdens een periode van liefdesverdriet, maar het was toen niet bij hem opgekomen om naar een maag-darm-leverarts te gaan. Liefdesverdriet, zegt hij, zit alleen tussen de oren. Hij ergert zich ook aan de trend om iedereen met liefdesverdriet depressief te noemen. Hij zou zeker geen antidepressiva voor te schrijven, want, zegt hij, liefdesverdriet is een adaptief proces waar je als mens aan moet wennen en wel vanaf komt.

Zowieso rammelt er wel wat aan onze definitie van depressie, die al in de jaren ‘80 opgesteld is, zegt De Jonge. Volgens deze definitie is iemand depressief al hij/zij aan 5 van 9 symptomen voldoet. De Jonge noemt de psychiatrische diagnostiek “op de rand van het faillissement”, en stelt dat er echt iets structureel moet veranderen. Mensen worden tegenwoordig veel te snel als depressief bestempeld en behandeld, met allerlei nadelige gevolgen. Dit is ook de strekking van het onderzoeksproject waar hij zich de komende jaren mee bezig gaat houden: “Depressie bestaat niet”, waarvoor hij een VICI-beurs ontving.

Het nut van liefdesverdriet
Ter Horst ondersteunt de mening van De Jonge: volgens de beide wetenschappers zijn mensen met liefdesverdriet niet depressief, maar hebben slechts depressieve klachten zoals veel willen slapen, huilen, en nergens zin in hebben. Dit is biologisch gezien ook ergens nuttig voor, zegt Ter Horst, het is een waarschuwing van het lichaam om het een tijdje rustig aan te doen (en je vooral niet gelijk in een nieuwe relatie te storten). Maar iedereen heeft een andere manier om met dit verdriet om te gaan. Algemeen wordt gezegd dat vrouwen erover willen praten met vriendinnen en mannen de kroeg in gaan met vrienden. Dit is deels waar, maar het verschil man/vrouw is niet zo zwart/wit, individueel werkt het bij iedereen anders. Bijvoorbeeld kunstenaars (ook mannen), zegt van den Ende, verwerken zulke processen veel emotioneler. Ook cultureel zijn er grote verschillen hoe men met liefdesverdriet omgaat. Ter Horst is samen met een groep studenten uit Saoudi-Arabië bezig met een onderzoek naar dit soort cultuurverschillen. Ook hiervan zijn helaas de resultaten nog niet bekend.

Er wordt wel gezegd dat liefdesverdriet “een maand per jaar relatie” duurt, of “net zo lang als de relatie zelf”, maar volgens de gasten én het publiek is dit onzin. Er is geen vaste definitie voor, en net zoals iedereen anders met verdriet omgaat, heeft iedereen ook zijn eigen tijd nodig om over het verdriet heen te komen. Hierbij spelen persoonlijke karaktereigenschappen als ego en zelfvertrouwen een grote rol.

Communicatie!
Relatietherapeute Jannie van den Ende vertelt uit haar eigen praktijk over hoe zij mensen met relatieproblemen adviseert. Zij probeert mensen te vertellen dat communicatie in een relatie het allerbelangrijkste is, wat ze demonstreert met het enigszins achterhaalde boek “Mannen komen van Mars, Vrouwen van Venus”. Ja, inderdaad, mannen en vrouwen hebben een verschillende manier van communiceren en dat kan tot problemen leiden in een relatie, maar net als bij de omgang met liefdesverdriet is dit verschil heus niet zo zwart/wit is als zij (het boek) het schetst. Dat communicatie een belangrijk punt is in een relatie is wel duidelijk, want het staat in de top-4 van problemen waarmee stellen bij de praktijk van Van den Ende aankloppen.

De laatste vraag van Alex van den Berg aan de wetenschappers is wat ze zouden doen met zeeën van tijd en veel geld voor onderzoek. Gert ter Horst is erg geïnteresseerd in liefdesverdriet bij oudere mensen. Het huidige onderzoek is gebaseerd op proefpersonen uit de studentenpopulatie, maar hoe gaan 40’ers, 50’ers en 65-plussers om met liefde en liefdesverdriet? Zeker met de huidige ouder wordende bevolking lijkt hem dit een heel interessant onderzoek. Peter de Jonge zou graag bereiken dat behandeling en diagnose (van psychiatrische problemen zoals) liefdesverdriet veel meer op individuen gericht wordt. Hij hoopt dat het onderscheid man/vrouw losgelaten kan worden, wat volgens hem een duidelijk gepasseerd station is. Van den Ende voegt als conclusie toe dat liefdesverdriet zeker ook functioneel is. Door liefdesverdriet leren we meer over onszelf, en dat kan ons de rest van ons leven (en in een volgende relatie) zeker helpen.

Liefdesverdriet zit dus echt tussen de oren, maar waar precies, daarvoor moeten we het onderzoek van Gert ter Horst nog even afwachten.

Eva Teuling
--------

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen